1️⃣ Wanneer spreekt men van schijnwerknemerschap volgens de arbeidsrechtbank Gent?
In een vonnis van 16 april 2025 oordeelde de arbeidsrechtbank Gent, afdeling Roeselare, dat een tewerkstelling als werknemer niet volstaat op papier: de feitelijke situatie primeert op de formele kwalificatie. In deze zaak werd een vader na het faillissement van zijn onderneming als werknemer ingeschreven in een nieuwe vennootschap, opgericht door zijn zoon. De RSZ schrapte hem ambtshalve uit het werknemersstelsel, omdat hij in werkelijkheid de leiding had over de onderneming, klantencontacten onderhield en het sociaal secretariaat aanstuurde. De zoon oefende geen gezag uit, en het loon werd slechts gedeeltelijk en onregelmatig uitbetaald.
De rechtbank bevestigde dat er geen geldige arbeidsovereenkomst bestond en dat de RSZ terecht mocht ingrijpen. Artikelen 332 en 333 van de Programmawet van 27 december 2006 vormen daarbij het juridische fundament.
2️⃣ Wat zijn de gevolgen voor ondernemingen die formeel een arbeidsrelatie creëren zonder reële invulling?
De uitspraak onderstreept dat een louter formele inschrijving als werknemer onvoldoende is. Als de feiten aantonen dat er geen gezagsverhouding is, geen regelmatige loonbetaling, en de werknemer in werkelijkheid de onderneming leidt, dan kan de RSZ de inschrijving ambtshalve schrappen. Dit kan leiden tot terugvorderingen van sociale bijdragen, boetes en reputatieschade.
Voor ondernemers is het dus cruciaal om bij het opstellen van arbeidsovereenkomsten niet alleen juridisch correct te werk te gaan, maar ook de feitelijke invulling van de arbeidsrelatie te bewaken.
Wil je als ondernemer of bestuurder zeker zijn dat je arbeidsrelaties juridisch én praktisch waterdicht zijn? Neem contact op met ons team voor advies.
